Terug

Een hersentumor: opname, operatie en uitslag

Een hersentumor: opname, operatie en uitslag

Patiëntfolder

U bent voor uw klachten doorverwezen naar de neuroloog van het UMC Utrecht. De neuroloog van uw eigen ziekenhuis of uw huisarts vermoedt dat uw klachten komen door een aandoening in de hersenen, zoals een hersentumor.

In korte tijd onderzoeken wij: wat is de oorzaak van uw klachten? Is het een tumor? Is de tumor goed- of kwaadaardig? Kunnen we de tumor wegnemen?

Deze folder is bedoeld voor patiënten, naasten en anderen die meer willen weten over het traject van onderzoek tot de uitslag en over een eventuele opname en operatie aan de tumor.

Wij begrijpen dat dit een onzekere en emotionele tijd voor u kan zijn. Onze artsen en verpleegkundigen staan open voor al uw vragen.Opname, operatie, ontslag en de uitslag

U bent uitgebreid onderzocht en de diagnose hersentumor is gesteld. Samen met de neurochirurg en uw familie of naasten heeft u besloten de tumor nader te laten onderzoeken en/of (deels) te verwijderen via een hersenoperatie.

Op deze pagina leest u meer over het opnametraject: van de dagen voor de operatie tot aan de uitslag van het weefselonderzoek.

Over hersenen en hersentumoren

Wat doen onze hersenen?

De hersenen zijn het meest ingewikkelde orgaan van ons lichaam. Gelukkig krijgen we door wetenschappelijk onderzoek steeds meer inzicht in de werking van ons brein. Onze hersenen regelen het functioneren van ons lichaam. Ze sturen bijvoorbeeld al onze bewegingen, waardoor we lopen en onze armen en handen bewegen.

Ook zorgen de hersenen ervoor dat we kunnen zien, horen, ruiken, voelen, denken en spreken. De hersenen zijn ook ons gevoelscentrum, waardoor we emoties als verdriet, geluk of angst ervaren. De hersenen voelen zelf geen pijn, maar registreren wel de pijn ergens anders in het lichaam.

Wat is de indeling van de hersenen?

De hersenen bestaan naar schatting uit honderd miljard zenuwcellen. De hersenen liggen beschermd onder onze schedel en bestaan uit:  

Grote hersenen
De grote hersenen zijn verdeeld in een rechter- en een linkerhelft. Met de rechterhelft regelen we de bewegingen van de linkerkant van ons lichaam en voelen we wat er in dit deel van ons lichaam gebeurt. De linkerhelft van de hersenen doet hetzelfde voor de rechterkant van ons lichaam.

De grote hersenen bestaan uit vier kwabben:

  • voorhoofdskwab (frontaalkwab): vooral functies van bewegen, denken en gedrag.
  • wandbeenkwab (pariëtaalkwab): vooral waarneming, zoals zien, horen, voelen en ruiken.
  • slaapkwab (temporaalkwab): gebieden voor het gehoor, taal en geheugen.
  • achterhoofdskwab (occipitaalkwab): betrokken bij het zien.

Kleine hersenen
De kleine hersenen zitten onder de grote hersenen achterin het hoofd. Ze zijn betrokken bij onze bewegingen en het bewaren van evenwicht.

Hersenstam
Tussen de grote en kleine hersenen zit de hersenstam. De hersenstam verbindt de grote hersenen, de kleine hersenen en de ruggenmerg met elkaar en regelt onder meer belangrijke functies als hartslag en ademhaling. Via de hersenstam wordt informatie tussen beiden helften uitgewisseld.

De hersenen in beeld

Wat is een hersentumor?

In onze hersenen kunnen tumoren ontstaan. Een tumor is een gezwel dat ontstaat door overmatige celdeling. Sommige tumoren zijn goedaardig. Dat betekent dat ze niet doorgroeien in de omgeving en niet in het lichaam uitzaaien. Kwaadaardige tumoren kunnen wel in het omliggende weefsel ingroeien en ook uitzaaien. In onze hersenen kunnen zowel goedaardige als kwaadaardige tumoren ontstaan. De kwaadaardige tumoren in de hersenen geven echter meestal geen uitzaaiingen. Hersentumoren kunnen aanleiding geven tot verstoorde hersenfuncties.

Bron: www.hersentumor.nl
Op deze pagina vindt u goede en meer uitgebreide informatie over hersentumoren.

Soorten hersentumoren

De tumoren die oorspronkelijk uit de hersenen of vliezen ontstaan zijn heten primaire hersentumoren. De meest voorkomende kwaadaardige hersentumoren zijn geen primaire hersentumoren, maar metastasen. Dit zijn uitzaaiingen naar de hersenen van kanker elders in het lichaam.

Hersenen zijn opgebouwd uit zenuwweefsel, steunweefsel en bloedvaten. Tumoren uit het zenuwweefsel zelf komen eigenlijk maar weinig voor. De kwaadaardige hersentumoren ontstaan meestal uit het steunweefsel: de gliomen. Het meningeoom is een bloedvatrijke tumor die ontstaat uit de hersenvliezen; dit zijn bijna altijd goedaardige tumoren.

De behandeling en de prognose van een hersentumor worden bepaald door de precieze weefseldiagnose onder de microscoop. We onderscheiden de volgende hersentumoren: 

  • Gliomen 
  • Meningiomen 
  • Hypofysetumoren 
  • Uitzaaiingen(metastasen) 
  • Tumoren in of bij het ruggenmerg 
  • Brughoektumoren

Bron: www.hersentumor.nl
Op deze website met goede en up-to-date informatie vindt u ook uitgebreide informatie per tumorsoort en hun behandeling.

Voorbereiding uitklapper, klik om te openen

Voor de opname

Spreekuur verpleegkundig specialist

Zo mogelijk heeft u voor de operatie op de polikliniek een afspraak met de verpleegkundig specialist. Zij is gespecialiseerd in de zorg aan patiënten met een hersentumor. Tijdens het spreekuur geeft zij uitleg over de operatie, uw verblijf in het ziekenhuis en de nazorg. Soms neemt de verpleegkundig specialist vragenlijsten met u door en doet zij neurologisch onderzoek. De verpleegkundig specialist is uw vaste aanspreekpunt. Aarzel niet, u kunt met al uw vragen, onzekerheden, angsten of problemen bij haar terecht.

Preoperatieve screening (POS)

Wij willen voor de operatie een goed beeld hebben van uw lichamelijke conditie. Vandaar dat wij een preoperatieve screening doen op de polikliniek Preoperatieve Screening (receptie 30). U heeft daar een gesprek met de anesthesioloog, dit is de arts die verantwoordelijk is voor de narcose bij de operatie. Hij (of zij) voert een lichamelijk onderzoek uit, waaronder afname bloed, hartfilmpje (ECG) en/of een röntgenfoto van uw hart en longen.

Desinfecteren

Om infecties te voorkomen, is het belangrijk dat u zich de dag vóór uw opname thuis wast met desinfecterende zeep. U krijgt tijdens uw ge-sprek met de verpleegkundig specialist een flesje mee. U kunt deze desinfecterende zeep, Chloorhexidine (Hibiscrub ®), ook zelf kopen bij de apotheek.

Een groot deel van de mensen draagt namelijk de bacterie Staphylococcen Areus met zich mee. Deze bacterie komt voor op de huid en slijmvliezen, met name in de neus. Voor gezonde mensen is dat geen probleem. Bij patiënten die worden geopereerd, kan het leiden tot een infectie, bijvoorbeeld van de wond. Daarom behandelen wij alle patiënten die een hersenoperatie ondergaan ook tijdens de opname met neuszalf en speciale desinfecterende zeep.

Aanvullend onderzoek

Soms is er aanvullend onderzoek nodig, zoals een speciale MRI-scan of een gesprek met een neuropsycholoog. Als dat in uw geval zo is dan informeren wij u hier apart over.

De opnamedag

U wordt meestal de dag voor de operatie opgenomen. Thuis heeft u zich gewassen met desinfecterende zeep en eventuele nagellak verwijderd. Wij adviseren u waardevolle spullen zo veel mogelijk thuis te laten.

De dagindeling

U meldt zich op de dag van opname bij de secretaresse op de verpleegafdeling Neuro-oncologie op C3 oost.

Mocht u nog niet geweest zijn voor de preoperatieve screening (POS), dan gebeurt dit op de dag van opname. Ook maken wij deze dag een CT-scan of MRI-scan. Vooraf krijgt u op de afdeling (navigatie) huidplakkers op uw hoofd geplakt en een infuus. Tijdens de scan wordt contrastmiddel toegediend. 

De verpleegkundige van de afdeling heeft met u een opnamegesprek. Ook geeft zij uitleg over de voorbereiding op de operatie, over de narcose, de operatiekamer, de uitslaapkamer (recovery) en de intensive care (afdeling intensieve zorg). Ook krijgt u informatie over onder meer bewakings-apparatuur, infusen, zuurstof en drains.

Op de opnamedag spreekt u ook nog met de zaalarts en de co-assistent (een arts in opleiding). Zo nodig komt de anesthesioloog nog even bij u langs.

Plaatsen van huidplakkers

U krijgt acht ronde huidplakkers op uw hoofd. De physician assistant brengt de plakkers aan. Voor het plaatsen van de plakkers scheren we wat hoofdhaar weg. In het midden van de plakkers zit een gaatje. Hier zetten we een stipje op de huid. Met deze huidplakkers kunnen we computerberekeningen maken. De plakkers blijven zitten tot de operatie en mogen niet verschuiven. Als de plakkers eenmaal op uw hoofd zitten, mag u dus uw haar niet meer wassen of kammen. Als één van de plakkers per ongeluk toch verschuift of loslaat, dan ziet de arts dit aan het geplaatste stipje. De huidplakkers worden tijdens de operatie weer verwijderd.

Tijdens de behandeling uitklapper, klik om te openen

De dag van de operatie

Praktische informatie

Op de operatiedag maken de verpleegkundigen u ’s morgens op tijd wakker. Zij beginnen dan met u aan de laatste voorbereidingen voor de operatie. U krijgt een operatiejasje aan. Ook krijgt u vooraf een pijnstiller (paracetamol).

Vanaf de nacht voor de operatie mag u niet meer eten. U mag tot 2 uur voor de operatie nog water, thee of heldere bouillon drinken. Uw medicijnen kunt u innemen met een beetje water.

Sieraden en prothesen, bijvoorbeeld een kunstgebit en bril, blijven op uw kamer. Waardevolle spullen kunnen we tijdelijk achter slot bewaren. Overleg hierover met de verpleegkundige.

Bestaande medicatie

Als u nog andere medicijnen moet hebben, bespreekt de anesthesioloog dit met u. Gebruikt u anti-epileptica, dan moet u deze altijd innemen. Doe dit in overleg met de verpleegkundige, omdat soms de hoeveelheid wordt aangepast vanwege de operatie.

Gliolan 

Tijdens de operatie kan de neurochirurg gebruik maken van Gliolan. Gliolan (5-ALA, 5-amino-levuline zuur) is een medicijn in de vorm van een drankje dat u dan 1,5 tot 2,5 uur voor de operatie toegediend krijgt. Dit kan de neurochirurg helpen om de tumor te onderscheiden van het normale hersenweefsel. 

Al op de polikliniek bespreekt de neurochirurg of Gliolan tijdens uw operatie wordt gebruikt. 

Bij het gebruik van Gliolan mag u na inname 24 uur niet in direct licht/ zonlicht verblijven. Daarom wordt na inname het licht op uw kamer gedimd en een tent om uw bed gebouwd. Ook op de operatiekamer en de uitslaapkamer houden we hier rekening mee.

Na 24 uur mag u weer in het daglicht. De eerste twee weken na inname van Gliolan adviseren we om niet langdurig in direct zonlicht te verblijven. 

Naar het operatiecomplex

Op de afgesproken tijd brengt de verpleegkundige u naar het operatiecomplex. Hier verblijft u tot de start van de operatie in de ontvangstruimte van het operatiecomplex (de holding).

De hersenoperatie

De neurochirurg heeft u al geïnformeerd over de inhoud, de omvang en de duur van de operatie, de risico's en het herstel.

Op deze pagina kunt u de informatie over de operatie, de narcose en eventuele risico's en complicaties rustig nalezen.

Mocht u nog vragen hebben, dan is het handig die op te schrijven en met de neurochirurg of zaalarts te bespreken.

Gebruik van neuronavigatie

Bij de hersenoperatie (zowel voor een biopsie als een craniotomie) gebruikt de neurochirurg meestal een geavanceerd neuronavigatiesysteem. Met deze techniek laat de computer de neurochirurg zien waar hij in de hersenen aan het opereren is. (Zie tabblad hiervoor: De opname dag)

Type operatie: biopsie of craniotomie?

Meestal kunnen we de definitieve diagnose pas stellen nadat we weefsel van de tumor hebben onderzocht. Dit weefsel kunnen we uitsluitend krijgen via een hersenoperatie. Er zijn twee typen operaties die we hiervoor kunnen uitvoeren, namelijk: 

  • een biopsie
  • een craniotomie  

Voor welke methode we kiezen, is afhankelijk van de plaats van de aandoening. Uw neurochirurg bespreekt met u en uw familie de keuze.

Als wordt gekozen voor een biopsie streven wij er naar om patiënten binnen één tot twee weken te opereren. Weefselonderzoek via een craniotomie vindt in de regel plaats binnen twee tot drie weken. 

Meer over een biopsie

Bij een biopsie wordt onder algehele narcose een kleine opening in uw schedel gemaakt. Daarna neemt de neurochirurg met een holle naald wat weefsel weg. Een biopsie is feitelijk geen behandeling, maar een onderzoek.

Om de biopsie zo hygiënisch mogelijk uit te voeren wordt een klein stukje hoofdhaar van ongeveer drie bij drie centimeter op de operatiekamer weggeschoren. Dit doen we als u onder narcose bent gebracht.

Na een biopsie kunt u na een of twee dagen weer naar huis.

Meer over een craniotomie

Bij een craniotomie (cranio is schedel) maakt de neurochirurg een luikje in uw schedel. Vervolgens neemt hij een stukje weefsel weg. Vaak neemt de neurochirurg meteen zoveel mogelijk tumorweefsel weg. Een deel van het tumorweefsel wordt daarna onder een microscoop geanalyseerd. Na de ingreep zet de neurochirurg het luikje weer in de schedel en maakt het stevig vast. Binnen ongeveer tien weken zal dit deel van de schedel weer vastgegroeid zijn.

Om de craniotomie zo hygiënisch mogelijk uit te voeren wordt een klein deel van uw hoofdhaar op de operatiekamer geschoren.

Na een craniotomie kunt u meestal na vijf dagen weer naar huis.

Onder narcose of een wakkere operatie?

Een biopsie doen we altijd onder narcose. In sommige situaties voeren wij een craniotomie wakker uit. Dit laatste noemen we wakkere chirurgie. De neurochirurg bespreekt met u welke mogelijkheid bij u van toepassing is.

Bij een wakkere operatie bent u tijdens het verwijderen van het tumorweefsel wakker, zodat wij testen kunnen afnemen. Wakkere chirurgie gebruiken we als de hersentumor in de buurt van belangrijke hersenfuncties ligt, zoals bij het spraakcentrum of het centrum dat de bewegingen aanstuurt. Het doel is zoveel mogelijk tumorweefsel te verwijderen, zonder daarbij belangrijke functies te beschadigen.

Risico's en mogelijke complicaties

Bij elke operatie en narcose kunnen problemen ontstaan. Dit noemen we complicaties. De kans op complicaties hangt af van het soort operatie en uw gezondheid.

Mogelijke complicaties

  • Trombose: dit is een verstopping van een ader door een bloedstolsel, bijv. in een been. Trombose kan tot een embolie leiden. 
  • Embolie: een embolie treedt op als een bloedstolsel losraakt, meegevoerd wordt door de bloedbaan en komt vast te zitten in een kleiner bloedvat. U krijgt medicijnen in de vorm van een injectie om trombose en embolie te voorkomen. De neurochirurg bepaalt de tijdsduur van de medicatie. 
  • Infarct: door een embolie kan het weefsel afsterven dat achter dit kleinere bloedvat zit. Dit is een infarct en een infarct kan ontstaan in de longen, de hersenen of het hart. 
  • Wondontsteking: een wondontsteking in het operatiegebied is meestal oppervlakkig. Heel soms wordt het een diepere ontsteking van het bot, het hersenvlies of van de hersenen zelf. 
  • Liquorlekkage: er kan hersenvocht (liquor) uit de operatiewond lekken. U heeft dan een kleine kans op een ontsteking. 
  • Nabloeding: in het operatiegebied kan een bloedophoping ontstaan. Soms moeten we dit verwijderen met een tweede operatie.

Tijdelijke of blijvende complicaties

  • Uitval hersenzenuw: dit kan een stoornis zijn in het functioneren van horen, zien, gezichtsspieren, mond, tong en keel. 
  • Bewegingsstoornissen. 
  • Gevoelsstoornissen. 
  • Evenwichtsstoornissen. 
  • Stoornissen in het begrijpen of spreken. 
  • Stoornissen in het geestelijk functioneren, zoals gedragsverandering. 

Klachten die we behandelen met medicijnen 

  • Hersenoedeem: dit is zwelling van het hersenweefsel. Hierdoor wordt de druk binnen uw schedel groter. De zwelling ontstaat langzaam en vermindert na de vierde dag vanzelf. Klachten die hierbij voorkomen zijn: hoofdpijn, epilepsie en soms uitval van functies. Vrijwel alle patiënten krijgen na de operatie medicijnen om hersenoedeem tegen te gaan. Dit zijn zogenoemde corticosteroïden of bijnierschorshormonen (dexamethason). 
  • Epilepsie: sommige patiënten krijgen na een hersenoperatie epileptische aanvallen. Als dit bij u gebeurt, krijgt u hiervoor medicijnen. Meestal zijn deze aanvallen tijdelijk. Als u vóór de operatie al epileptische aanvallen heeft gehad, is de kans groot dat u deze ook nog heeft na de hersenoperatie. 

Na de behandeling uitklapper, klik om te openen

Na de operatie

Recovery

Na de operatie brengen we u naar de 24-uurs recovery, ook wel uitslaapkamer genoemd. Dit gebeurt soms als u nog slaapt. Na een biopsie blijft u hier de eerste uren en na een craniotomie tot de volgende ochtend. De 24-uurs recovery is vergelijkbaar met de afdeling Intensive Care. Er werken gespecialiseerde verpleegkundigen die u observeren, verzorgen en ieder uur wekken. De recovery-verpleegkundige controleert regelmatig uw bloeddruk, pols, temperatuur en pupilreactie. Ook observeert hij (zij) of u last krijgt van neurologische uitvalsverschijnselen, zoals minder kracht of minder gevoel in uw armen of spraakproblemen. Uw familie en naasten mogen op bezoek komen op de recovery. Dit kunt u afspreken met de verpleegkundigen van de verpleegafdeling. Zij overleggen met de recovery over een geschikte tijd om langs te komen, soms kan het zijn dat u dan nog een half uur tot een uur moet wachten voordat u naar uw naaste kunt gaan. Als u een nacht op de uitslaapkamer moet verblijven mag een naaste of familielid u kortdurend bezoeken.

Gesprek neurochirurg

Na afloop van de operatie vertelt de neurochirurg aan, de door u aangewezen, eerste contactpersoon hoe de operatie is verlopen. Zodra u goed wakker bent, vertelt hij dit ook aan u. We kunnen op dat moment nog niet de diagnose stellen. Dat kan pas als we de uitslag van het weefselonderzoek hebben. Meestal duurt dit acht tot veertien werkdagen. 

Infuus en katheter

U krijgt vocht binnen via een infuus. Ook heeft u tijdelijk een slangetje in de blaas (urinekatheter), waardoor de urine wordt afgevoerd. Als u goed wakker bent en zelf kunt eten en drinken, halen we het infuus eruit. Ook de urinekatheter wordt één of twee dagen na de operatie verwijderd.

Pijn & misselijkheid

Na de operatie vragen de verpleegkundigen of u pijn hebt. Zij nemen een zogenaamde pijnscore bij u af en u krijgt medicijnen tegen de pijn. Met goede pijnbestrijding knapt u eerder op, dus geef het aan als u pijn hebt. Na de operatie kunt u misselijk zijn. Laat dit weten aan de verpleegkundige. U krijgt dan medicijnen tegen de misselijkheid.

Medium care unit

Als het nodig is, blijft u een dag op de medium care unit. Dit is een bewakingsafdeling van de afdeling Neurochirurgie. Als het beter met u gaat, wordt u weer overgeplaatst naar de verpleegafdeling.

Herstel in het ziekenhuis en het ontslag

Als het goed met u gaat, mag u snel weer uit bed. Meestal is dit al een dag na de operatie. Op de vierde dag na de operatie controleert de verpleegkundige de wond. Als de wond goed geneest, mogen de hechtingen tien dagen na de operatie eruit. Maakt u hiervoor een afspraak met de huisarts.

Het ontslag naar huis of elders

Als u goed herstelt en als u geen neurologische uitvalverschijnselen heeft, kunt u in principe naar huis. Heeft u een biopsie gehad dan is dat veelal een dag na het biopt. Heeft u een craniotomie gehad, dan gaat u veelal vier dagen na de operatie naar huis. Heeft u wel neurologische uitval of andere klachten, dan kan uw herstel meer tijd vragen. We proberen er dan voor te zorgen dat de functies eerst zo goed mogelijk herstellen. Wellicht moet u daarna revalideren in een andere instelling, voordat u weer naar huis kunt.

Als u uit een ander ziekenhuis komt en een langere herstelperiode nodig heeft, dan gaat u terug naar uw eigen ziekenhuis.

De zaalarts stuurt uw huisarts een brief waarin hij schrijft over uw behandeling in het ziekenhuis en uw gezondheidstoestand op het moment van ontslag. Het is verstandig om ook zelf even contact op te nemen met de huisarts als u naar huis gaat.

Nazorg

Bij uw ontslag ontvangt u een ontslagbrief van de verpleegkundige met verschillende aandachtspunten en u ontvangt eventuele folders. Na het uitslaggesprek van het weefselonderzoek bespreekt de arts met u het vervolg. Mocht u thuis nog vragen hebben, belt u dan gerust met de verpleegafdeling.  

De uitslag van het weefselonderzoek

Om een goede diagnose te kunnen stellen, hebben wij het afwijkende hersenweefsel onder de microscoop onderzocht. Dit noemen we pathologisch anatomisch onderzoek (PA-onderzoek). Tussen de operatie en de uitslag van het PA-onderzoek zit meestal acht tot veertien werkdagen. Een team van medisch specialisten spreekt dan eerst met elkaar over de uitslag.

Afhankelijk van de diagnose, uw conditie en leeftijd wordt de eventuele nabehandeling geadviseerd.

Mocht u nog in het ziekenhuis verblijven vertelt de verpleegkundige van de afdeling wanneer het gesprek over de uitslag plaatsvindt. Veelal bent u echter al thuis en geeft de secretaresse telefonisch de planning van de afspraak door.

De neurochirurg bespreekt de uitslag van het weefselonderzoek met u. Wij adviseren u bij dit gesprek familie of naasten mee te nemen. U krijgt dan tegelijk dezelfde informatie en kunt dit later gemakkelijker met elkaar bespreken.

Als u na het gesprek nog vragen heeft dan kunt u contact opnemen met de verpleegkundig specialist. Zij kan u later in alle rust nog eens uitleggen wat er is besproken.

Leven met uitklapper, klik om te openen

Meer informatie 

Over de afdeling

Op de verpleegafdeling neuro-oncologie (C3 oost) komen patiënten voor het verwijderen van een tumor uit de hersenen of het ruggenmerg en patiënten met achteruitgang bij een hersentumor. De verpleegafdeling bestaat uit vier-, twee- en eenpersoonskamers. Op alle kamers is een toilet, was- en doucheruimte.

Op onze afdeling kunt u de volgende disciplines tegenkomen:

  • neurochirurgen
  • arts-assistenten (neurologen en neurochirurgen in opleiding)
  • physician assistants (PA) 
  • (senior) verpleegkundigen (in opleiding)
  • secretaresses 
  • medewerkers van de voedingsdienst. 

We werken nauw samen met de revalidatiearts, ergotherapeut, logopedist, fysiotherapeut en geestelijke verzorging.

Over het neuro-oncologisch team

Het neuro-oncologisch team bestaat uit:

  • neurologen/neuro-oncologen;
  • neurochirurgen;
  • internist/medisch-oncologen;
  • radiotherapeuten;
  • verpleegkundige specialisten/physician assitant;
  • revalidatiearts;
  • neuropsychologen. 

Deze zorgverleners werken onderling nauw samen en maken gebruik van elkaars kennis en kunde. Gezamenlijk stellen zij de diagnose, behandelen en begeleiden de patiënten.

Op het Internet

Zorgkosten uitklapper, klik om te openen

Meer over zorgkosten

Veelgestelde vragen uitklapper, klik om te openen


FAQ: hersenoedeem en dexamethason

Wanneer kan een hersenoedeem optreden?

Een hersenoedeem is een zwelling van het hersenweefsel. Hierdoor wordt de druk binnen uw schedel groter. Een hersenoedeem kan ontstaan door verschillende oorzaken:  

  • Het tumorweefsel kan het hersenweefsel prikkelen en oedeem veroorzaken. Dit ziet de arts op een CT- of MRI-scan.
  • Hersenoedeem kan ook optreden als gevolg van de operatie. 
  • Radiotherapie (bestraling) kan ook hersenoedeem geven. 
Wat is dexamethason en wat doet het?

Uw arts schrijft het medicijn dexamethason voor vanwege vochtophoping (=oedeem) in de hersenen. Door dit hersenoedeem neemt de druk op het hersenweefsel toe en kunt u klachten krijgen, zoals uitval van gevoel of kracht in arm of been, problemen met spreken, wazig zien, hoofdpijn en misselijkheid. Dexamethason drijft het vocht af, waardoor de klachten verminderen.

Dexamethason is een hormoon. Uw lichaam maakt dit hormoon zelf ook in de bijnieren, maar dit is helaas te weinig om het hersenoedeem te laten verminderen. Daarom krijgt u dexamethason tabletten. Wanneer u al enige tijd dexamethason gebruikt, heeft u bij de operatie een hogere dosering nodig.

Wanneer wordt gestart met dexamethason?

Meestal start de arts al vóór de operatie met dexamethason en dit wordt na de operatie weer afgebouwd. Vaak is een lage dosering dexamethason voldoende om de klachten af te laten nemen.

De werking begint binnen enkele uren na inname van het eerste tablet en bereikt zijn maximum na enkele uren tot enkele dagen. De werking houdt langdurig aan.

Wat is belangrijk in het gebruik van dexamethason?

Houdt u aan de voorschriften van de arts en de voorgeschreven dosering dexamethason.

Stop nooit plotseling met het slikken van dexamethason. Dit kan een toename van het hersenoedeem tot gevolg hebben.

Dexamethason kan de werking van andere geneesmiddelen beïnvloeden en omgekeerd. Vraag bij uw apotheek om een geneesmiddelenpaspoort, dan heeft u bij bezoek aan huisarts of specialist alle gegevens over uw geneesmiddelengebruik overzichtelijk bij de hand.

Gebruik tijdens de periode dat u dexamethason gebruikt anticonceptie. Dexamethason is mogelijk schadelijk voor het ongeboren kind.

Wat zijn mogelijke bijwerkingen?

Dexamethason kent een aantal bijwerkingen. Niet iedereen heeft even-veel last van deze bijwerkingen. De kans op bijwerkingen is groter als u het middel lang gebruikt (weken) en naarmate de dosering hoger is.

De meest voorkomende bijwerkingen zijn: 

  • Toename van de eetlust 
  • Verandering van de vetverdeling 
  • Irritatie van het maagslijmvlies 
  • Verminderde afweer tegen infecties en vertraagde wondgenezing
  • Ontregeling van de bloedsuikers 
  • Vasthouden van vocht
  • Stemmingsverandering en slaapproblemen 
  • Huidafwijkingen 
  • Verandering van de menstruele cyclus
  • Spierzwakte in bovenbenen 
  • Botontkalking

Toename van de eetlust
Een toename van de eetlust leidt vaak tot gewichtstoename. Probeer een gezond eetpatroon aan te houden. Enige gewichtstoename is niet te voorkomen. Als u stopt met dexamethason normaliseert uw eetlust weer.

Verandering van de vetverdeling
Het gebruik van dexamethason kan een verandering van vetverdeling geven. U merkt dit doordat uw gezicht wat boller wordt en er vetopho-ping op de romp en nek ontstaat. Dit gaat weer over zodra u de dexamethason afbouwt.

Vasthouden van vocht
Tijdens het gebruik van dexamethason is het mogelijk dat u meer vocht vasthoudt. U merkt dit aan dikkere voeten of handen en kortademigheid. Vaak is hierdoor de bloeddruk ook wat hoger. Mochten deze klachten hinderlijk zijn, neemt u dat contact op met uw huisarts.

Irritatie van het maagslijmvlies
U kunt last krijgen van uw maag. Soms helpt het om de medicijnen in te nemen tijdens de maaltijd. Blijven de maagklachten bestaan, bespreek dit met huisarts, verpleegkundig specialist of verpleegkundige. Maagbeschermende medicijnen kunnen dan helpen.

Verminderde afweer tegen infecties en vertraagde wondgenezing
Dexamethason kan het risico op een infectie vergroten. Met name infecties van het mondslijmvlies, vaginale infecties, urineweginfecties en luchtweginfecties komen voor. Ook kan de wondgenezing trager verlopen dan normaal. Neem contact op met uw huisarts of verpleegkundig specialist als u koorts hebt of pijn bij het plassen, aanhoudende hoest of pijnlijk mondslijmvlies. Als zich problemen voordoen met de wondgenezing is het verstandig contact op te nemen met verpleegkundig specialist of neurochirurg.

Ontregeling van de bloedsuikers
Uw bloedsuikers kunnen hoger worden bij het gebruik van dexamethason. Het is verstandig om uw bloedsuikers wekelijks te laten controleren bij uw huisarts. Klachten die kunnen wijzen op een verhoogde bloedsuikers zijn: dorst, veel plassen, wazig zien. Soms is een dieet voldoende om deze spiegels weer te normaal te maken, soms zijn er medicijnen nodig.

Enige tijd na het stoppen met dexamethason worden de bloedsuikerspiegels in de regel weer normaal. Bent u diabetespatiënt dan zult u gedurende de periode dat u dexamethason gebruikt uw bloedsuikerwaarden vaker moeten controleren dan normaal. Soms is aanpassing van de medicatie via huisarts of diabetesconsulent nodig.

Stemmingsverandering en slaapproblemen
Dexamethason kan -tijdelijk- een verandering in uw stemming veroorzaken. U kunt te maken hebben met sterk wisselende stemmingen, met depressieve gevoelens, maar ook met een overdreven uitgelaten stemming. Daarnaast hebben sommige patiënten last van een gejaagd gevoel en slaapproblemen. Bespreek u stemmingsproblematiek met uw huisarts of met de verpleegkundig specialist. Bij slaapproblemen kan het helpen om de dexamethason niet na 14.00 uur in te nemen.

Huidafwijkingen
Door het gebruik van dexamethason kan de huid dunner en kwetsbaarder worden. Ook kan er acne ontstaan. Sommige patiënten hebben last van huiduitslag en jeuk. Om huidproblemen te voorkomen kan het beste een zeep met een neutrale PH-waarde worden gebruikt en een vochtinbrengende crème of lotion. Zijn er toch huidproblemen, neemt u dan contact op met de huisarts.

Verandering van de menstruele cyclus
Uw menstruatiecyclus kan onregelmatig worden. Na stoppen met dexamethason herstelt de cyclus zich weer.

Spierzwakte in bovenbenen
Na langdurig gebruik van dexamethason kan er spierzwakte in de bovenbenen ontstaan. U merkt dit doordat bijvoorbeeld het opstaan uit de stoel moeilijker gaat. Door de beenspieren regelmatig te oefenen kan deze spierzwakte tegen worden gegaan. De fysiotherapeut kan u daarbij helpen.

Botontkalking
Na langdurig gebruik van dexamethason (maanden) kan botontkalking een rol gaan spelen. Dit is te merken aan het afnemen van de lichaamslengte, het sneller ontstaan van botbreuken. Sommige patiënten geven botpijn aan. Uw behandelend arts kan bij langdurig dexamethason gebruik medicatie voorschrijven.

Hoe verloopt het afbouwen van dexamethason?

Na een biopsie van hersenweefsel, gaat u meestal door met het gebruik van dexamethason. Als (een deel van) de tumor is verwijderd, gaat u de dexamethason afbouwen. De verpleegkundige geeft u een afbouwschema mee. 

Soms ontstaan er klachten tijdens of na het afbouwen. Bijvoorbeeld: 

  • Uw eerdere klachten komen weer terug.  
  • U krijgt meer hoofdpijn.   
  • U wordt misselijk.   
  • U wordt trager en slaperiger.   
  • U hebt een grieperig gevoel. 
  • U hebt spier- en gewrichtsklachten.  

Vaak is de dexamethason dan te snel afgebouwd. Neemt u bij deze klachten contact op met de verpleegkundig specialist. 

Contact uitklapper, klik om te openen

Als u een afspraak wilt maken op de polikliniek neuro-oncologie, dan heeft u eerst een verwijzing nodig van uw huisarts of specialist.

Polikliniek Neuro-oncologie

Telefoonnummer: 088 75 568 77 Email adres: polineuro-oncologie@umcutrecht.nl
Geopend maandag t/m vrijdag van 8.00 - 17.00 uur.
Overige contactgegevens

Verhinderd?
Als u verhinderd bent voor een afspraak of onderzoek, geef dit dan zo snel mogelijk door via het telefoonnummer van de polikliniek. U kunt dan een nieuwe afspraak maken met de polikliniekmedewerker. We kunnen afspraken die niet op tijd zijn afgezegd in rekening brengen.

Verpleegafdeling Neuro-oncologie en functionele neurochirurgie en epilepsie (C3 oost)

Als u een afspraak wilt wijzigen, geef dit dan tijdig door. Ook voor vragen aan één van de medewerkers kunt u hier terecht.

Telefoonnummer: 088 - 75 579 56

Werken bij het UMC Utrecht

Contact

Afspraken

Praktisch

umcutrecht.nl maakt gebruik van cookies

Deze website maakt gebruik van cookies Deze website toont video’s van o.a. YouTube. Dergelijke partijen plaatsen cookies (third party cookies). Als u deze cookies niet wilt kunt u dat hier aangeven. Wij plaatsen zelf ook cookies om onze site te verbeteren.

Lees meer over het cookiebeleid

Akkoord Nee, liever niet